Dappertje

Kaarsrecht op je stoel zit jij in de kring.

Naast de juf, want jij bent vandaag voor het eerst en dan mag dat.

Met grote ogen kijk je om je heen.

Het liefst zou je op mijn schoot willen zitten en eigenlijk wil ik dat ook. Kom maar, schreeuwt mijn moederhart: kom maar meisje, kom maar op mijn schoot. In mijn hart sla ik mijn armen om je heen om je te beschermen, je hartje minder snel te laten kloppen, jou mee te nemen, te zorgen, lief te hebben, nooit meer los te laten.

Maar ik besef dat het dan alleen maar moeilijker wordt, zo meteen.

Nee, zeg ik, kijk maar, alle kindjes zitten op een stoel en jij ook. Maar mama is bij je, geef me je hand maar, ik ben heel dichtbij, ik zit achter je, je hoeft je maar om te draaien en ik ben hier. Ik houd je hand vast en de andere hand leg ik op je schouder. En ja, jij blijft zitten. Op je eigen stoel.

Naast jou zit het meisje dat je gisteren leerde kennen op de BSO. Dat scheelt….

Je vraagt aan de juf wat haar lievelingskleur is.

Voor het eerst sinds tijden valt me op hoe klein jij eigenlijk nog bent…

De juf begint de dag met een liedje en alle kinderen, papa’s en mama’s zingen mee. In het liedje wordt verteld dat de dag begonnen is en dat de papa’s en mama’s weg gaan.

Ik dus ook….

Ik slik maar eens en zeg; mama gaat weg nu, meisje, alle papa’s en mama’s gaan weg, zie je wel? Een kus en dáág lief meisje, veel plezier vandaag!

Glimlachend loop ik weg. Ik zwaai nog een keertje maar jij ziet mij niet meer.

Kaarsrecht op je stoeltje zit je daar. Met grote ogen kijk jij om je heen.

Mijn dappertje. Mijn zoeteke. Mijn stoere kwetsbare lieve meisje….

Ik laat jou los. Een beetje maar… maar toch scheurt het bij mij van binnen…

Met tranen in mijn ogen en een prop in mijn keel fiets ik naar huis. Oh wat ben ik trots. En bezorgd. En verdrietig. Want vandaag laat ik jou weer een beetje los, vandaag neem ik voor het laatst afscheid van mijn peuterkind. Nu ben jij een kleuter….