Budgetteren maar dan anders.

old-icelandic-cashiers-till-1625100-640x960

Sinds eind 2013 budgetteer ik. Dat begon met weekbudgetten, waarbij ik de bedragen waarvan ik per week zou moeten rondkomen bepaalde aan de hand van informatie van het NIBUD en mijn uitgavepatroon in de periode voorafgaand aan dat eerste budget. Ik begon ruim en zag er een uitdaging in om minder uit te geven dan gebudgetteerd. Zo vond ik voor mezelf een uitgavepatroon waar ik blij van werd.

Mijn definities van budgetteren en begroten

Al snel liet ik de weekbudgetten los en ging ik naar maandbudgetten en jaarbudgetten. Sommige uitgaven heb je immers niet iedere week of maand. En ook die budgetten liet ik na een paar jaar los: ik noemde het begrotingen. 

Dat komt voor jou misschien wel op hetzelfde neer, maar ik voel toch een groot verschil: bij een budget heb je vantevoren een vastgesteld bedrag voor bijvoorbeeld boodschappen. In een extreem geval stop je dus per categorie (bijvoorbeeld “de boodschappen”)  je budget in een envelopje en dan moet je het er maar mee zien te redden.

Bij een begroting heb je een richtlijn en kijk je naderhand – of soms ook tussendoor – of je een beetje in de richting zit.

De veranderde noodzaak van je uitgaven bijhouden

Nog steeds werk ik met jaarbegrotingen en nog steeds houd ik (al) mijn uitgaven bij. De noodzaak daarvoor is er echter niet echt meer: inmiddels heb ik een uitgavepatroon dat bij ons gezin past. Over alle uitgaven heb ik in de afgelopen vijf jaar regelmatig nagedacht: vind ik het aanvaardbaar om hier veel of weinig aan uit te geven en waarom dan?

En als je dat allemaal bedacht hebt, bij herhaling, en zonder dat je er veel op hoeft te letten houd je je aan je afspraken met je zelf wat betreft uitgaven, is het dan nog wel nodig om alles bij te houden?

Het 50-30-20 principe

Een paar weken geleden bedacht ik in een recalcitrante bui dat het wel een beetje klaar was met al die overzichten. Hier schreef ik waarom. En in dezelfde week las ik in een blog van Anja over het 50-30-20 principe. Zij legt in haar blog goed uit wat dit inhoudt; kort gezegd komt het erop neer dat je 50% van je uitgaven besteedt aan vaste lasten waaronder kosten voor wonen, eten verzekeringen en basiskleding, 30% aan optionele uitgaven zoals bijvoorbeeld kleding-voor-de-leuk, de kapper en vakantie en 20% aan sparen of aflossen van schulden.

…en hoe zit dat dan bij mij…?

De nerd in mij werd hierdoor meteen wakker dus ging ik maar eens kijken hoe mijn percentages liggen. Het voordeel van alles bijhouden, is dat je dat dus binnen een paar minuutjes uitgerekend hebt.

Nu heb ik één en ander wel wat anders ingedeeld: ik maak bijvoorbeeld geen onderscheid tussen basiskleding en “leuke kleding”. Ook ga ik uit van mijn bruto inkomen, wat voor mij als zelfstandige gewoonweg logischer is. Daarnaast gaan mensen in loondienst misschien voorbij aan het deel dat zij sparen door in te leggen in pensioenfondsen (dit wordt vaak van het brutoloon ingehouden) terwijl ik mijn pensioen actief bij elkaar moet sparen. Ook het werkgeversdeel. En dat heb ik in de eerste 15 jaar dat ik werkte amper gedaan. 20% zou dan misschien wel wat karig zijn…

Als ik op de inkomstenbelasting corrigeer, kom ik gemiddeld over de afgelopen vijf jaar, uit op de volgende percentages:

  • Noodzakelijke uitgaven: 40%
  • Optionele uitgaven: 13%
  • Sparen: 47%

Kijk. Dat ziet er natuurlijk prima uit…

Nou moet ik zeggen dat ik door de verkoop van mijn huis en het terugkopen van een goedkoper huis, dit jaar wel heel veel heb kunnen sparen en beleggen. Nou kost de verkoop en aankoop van een huis plus een verhuizing natuurlijk ook wel wat en bovendien ben ik aan het (laten) klussen in mijn huis; een investering die zich echt niet direct uitbetaalt in de waarde van mijn huis maar vooral in het woongenot.

Maar ook wanneer ik 2018 weghaal uit mijn berekening, kom ik uit op een verdeling van 46% – 14% – 40%.

Kortom….

Ik ben tevreden met mijn financieel gedrag. Zeker nu mijn vaste lasten na de verhuizing substantieel lager worden vanwege de veel lagere hypotheekschuld die ik aangegaan ben in combinatie met de lage rente, zal ik in 2019 weer meer geld kunnen investeren in “later”. Zélfs als ik de kosten van een nieuwe badkamer meeneem…

Het belangrijkste voor mij blijft toch echt om ervoor te zorgen dat mijn inkomen in de komende jaren nog even op een vergelijkbaar niveau blijft als in de afgelopen jaren. Daarmee kan ik gaan werken aan mijn passief inkomen en door af en toe wat af te lossen op die hypotheekschuld, zorg ik dat óók mijn vaste uitgaven voldoende in balans komen. En ook die duurdere vakanties die er vanaf volgend jaar misschien wel zitten aan te komen… dat kan ik prima verantwoorden…!

Over mariimma

Alleenstaande moeder en ZZP-er die stukje bij beetje steeds meer financiële vrijheid ervaart.
Dit bericht werd geplaatst in budget, consuminderen, financieel-plan, geld, minimalisme, sparen, voornemens en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

6 reacties op Budgetteren maar dan anders.

  1. hanneke161 zegt:

    Wauw! Maar 50% van je inkomen (of minder) besteden aan vaste lasten, dat vind ik – vanuit mijn positie – behoorlijk riant! Ik vind dat ik geen slecht inkomen heb, maar alleen al mijn huur gaat richting de 50% (o.k., niet overdrijven ruim 40%) van wat er maandelijks binnenkomt, dus deze percentages haal ik nooit…. Wel lekker hoor, als dat kan!

    Like

  2. Marijke zegt:

    Je zou er ook voor kunnen kiezen om NU al minder te werken ca te verdienen en meer te genieten want je weet nooit wat het leven voor jou in petto heeft,

    Like

  3. MvhJ zegt:

    Ik doe het ook zo: begrotingen die jaarlijks doorlopen en die ik bijwerk aan de hand van daadwerkelijke uitgaven. Zo weet ik altijd wat ik nu en straks te besteden heb en weet ik ook of ik met toekomstige uitgaven rekening moet houden. En heerlijk als je zulke percentages eruit krijgt!

    Liked by 1 persoon

  4. Anne J. zegt:

    Ik boek automatisch 30% van mijn netto inkomen elke maand naar een beleggingsrekening. Mijn spaarpot is goed gevuld (te goed) en als ik tekort kom dan haal ik het uit de spaarrekening. Maar ik heb heel makkelijk praten, ik ben in loondienst en heb een zeer goed betaalde baan, en mijn wederhelft ook. We proberen zo te leven dat we ook van 1 salaris zouden kunnen leven, en dat kan ook, maar dat gaat een groot deel van de luxe uitgaven (vakanties, uiteten, toneel, film, concerten, muzieklessen etc.) eraan. Met ouder wordende kinderen gaan de kosten weer stijgen (nadat ze eerst enorm gedaald zijn nadat de kinderen allemaal naar school gingen), het zij zo. Ik wil helemaal niet op mijn 55ste of zo stoppen met werken, en zie het nut er dus ook niet van in om als een dolle 50% van mijn salaris opzij te zetten. Anne J.

    Liked by 1 persoon

Wat vind jij daarvan?

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s